EN COURS DE ROUTE

Ik schreef deze theatertekst voor En Cours de Route, een project van Bolwerk in opdracht van GoneWest

DEEL I

1.

Een zwevend vrouwenlichaam

in donkergroen water.

Haar gezicht naar beneden,

de armen gestrekt.

 

Het is moeilijk te geloven dat ze dood is.

Dat dit een echte vrouw is,

die echt verdronken is in echt zeewater.

En geen actrice uit één of andere Amerikaanse politieserie.

Haar haren wiegen nochtans net op dezelfde manier heen en weer

in het water zoals de haren van actrices in Amerikaanse politieseries.

En het ziet er ook veel te mooi uit.

Alsof de costumière haar nog snel

die paarse sjaal heeft gegeven,

omdat die ook zo geweldig heen en weer

wiegt in het water.

 

Ik kan uren naar haar kijken,

hoewel ik eigenlijk niet begrijp

waar ik naar aan het kijken ben.

En ook al kan ik haar gezicht niet kan zien

ik heb het vreemde gevoel dat ik haar ken.

Continue reading “EN COURS DE ROUTE”

Advertisements

Publieksprijs Schrijfdag 2016 ‘Je sterkste wapen’

Publieksprijs gewonnen op de Schrijfdag met mijn Zeer Kort Verhaal ‘Je sterkste wapen’. Bekijk hier de posters die Ward Zwart maakte bij de vier geselecteerde teksten.

Je sterkste wapen

Je moet van je grootste gebrek je sterkste wapen maken, dacht Marianne en ze vijlde haar tanden tot vlijmscherpe mesjes. Toen ze klaar was, lag er een fijn, wit poeder in de wasbak. Ze keek in de spiegel en ontblootte haar gebit voor de laatste keer. Voortaan zou ze haar wapens verbergen in de warme plooien van haar mond, er niet mee te koop lopen maar ze enkel gebruiken wanneer ze niet anders kon, zoals cowboys in een westernfilm.

 

Young Poets gedichtenwedstrijd

Ik heb met mijn gedicht ‘Het’ de tweede prijs gewonnen in de wintergedichtenwedstrijd van Young Poets rond het thema ‘Reizen’. Het gedicht wordt in augustus 2016 opgenomen in literair jongerentijdschrift Ochtendlicht.

De jury over mijn gedicht: “De dichter stapelt een aantal ongewone beelden op tot een gedicht. De kracht ervan zit net in deze absurde opeenstapeling die gedoseerd blijft. Vooral het beeld van een overvol strand spreekt tot de verbeelding en getuigt ook van een vermogen om visuele beelden om te zetten in ijzersterke taal van prachtig volwassen zinnen.”

HET

er is nog adem op de ruit
het regenbos dat brandt
de vachten van de maan
in oliehuid verkoold

er zijn nog haken in je stem
de liftkoker doorboord
een helm, je ritst gedempt
de tongen uit het zand

er is nog kneden voor
het smelt, het harde in je palm
het roert zichzelf de meester
een asvlok op het glas

plots valt het voorover
noemt zichzelf nog god
sleurt het aan het laken
de dode spiegel in

en dan
rijstrook na rijstrook
als witte duiven uitgelepeld
de lijven op het strand

Kluger Hans #28 – Conformisme

KH28_cover-722x1024

Mijn gedicht ‘dialoog met een haardroger’ staat in Kluger Hans #28, tussen het werk van o.a. Marieke Rijneveld, Peter Mangel Schots, Anne Broeksma en Tijl Nuyts. Het thema van het nummer is conformisme.

Een voorsmaakje:

‘natuurlijk hebben we genoeg van de muur

die zich als een geruisloze slang om Europa windt

 

maar verkeersberichten blijven de beste mantra’s

voor het woekeren van ons geslacht

dat zich opkrult en kirt als een vraagteken’

 

De Lach van de Wasbeer

Ik luister hoe de melodie van de ijscowagen zich een weg baant door het donker. Rita ligt naast mij in bed. Ik moet gaan. Wanneer ik de gang in wandel, valt er een streep licht door de kamer en even hoor ik haar adem stokken. In een flits zie ik het paarse dekentje waarin ze zich had gewenteld toen ze in de zetel zat, haar mond een jammerende wonde. Ik open de voordeur. De wagen straalt een warmte uit die ik bijna kan aanraken, als een zinderend vrouwenlichaam. Witte druppels ijs rollen over haar lippen en kin.

‘Papa?’

Het is stil. Alsof de vrouw rondom mij versteend is. Wat overblijft zijn mijn ogen die een halve cirkel beschrijven in de lucht. De top van een paardenstaart, grote, katachtige ogen. Sara’s gezicht verschijnt.

Sorry schat.

Mijn blik draait alweer weg, dieper de nacht in. Ik zie nog net hoe iets begint te trillen in haar mondhoek.

Verlichtingspalen razen voorbij. Sara’s regenboogkleurige kettinkje ratelt tegen de achteruitkijkspiegel. Uit de romp van de ijscowagen stijgt een gekrijs op, de volumeknop is verdwenen.

Continue reading “De Lach van de Wasbeer”